Ombudsman – Hindernisbaan zonder finish

Deze week heeft de Ombudsman zijn rapport uitgebracht: “Hindernisbaan  zonder finish – Een onderzoek naar knelpunten in de toegang tot de Wet schuldsanering natuurlijke personen”. De BBW heeft aan diverse ronde tafel gesprekken meegedaan die mede als grondlegger voor het rapport hebben gediend.

Knelpunten en Conclusies

Als burgers hun weg proberen te zoeken naar de Wsnp komen zij op verschillende terreinen knelpunten en belemmeringen tegen. De Nationale ombudsman beschrijft in dit rapport wat burgers in redelijkheid op die terreinen mogen verwachten. Een burger mag in redelijkheid verwachten dat:

•de gemeentelijke schuldhulpverlening

–hem – na het mislukken van het minnelijk traject

–actief informeert en adviseert over de mogelijkheden van de Wsnp en hem begeleidt bij het indienen en toelichten van het Wsnp-verzoek;

–hem professionele ondersteuning aanbiedt tijdens en na afloop van het Wsnp-traject.

•de wetgever van de sociale zekerheidswetgeving

–de tienjaarstermijn binnen de sociale zekerheidswetgeving verkort en gelijkstelt aan de termijn van de goede trouw binnen de Wsnp-regeling (nu vijf jaar);

–deze termijn (en het verbod om mee te werken aan het minnelijk traject) alleen laat gelden voor terugvorderingen met een boete van 75% of hoger;

–instanties de mogelijkheid biedt om mee te werken aan het minnelijk traject voor terugvorderingen met een boete tot maximaal 50%.

•de wetgever van de Wsnp-regeling

–de tienjaarstermijn voor recidive verkort;

–rechters altijd de ruimte geeft om – op verzoek of uit eigen beweging – maatwerk te leveren en rekening te houden met de omstandigheden en de belangen van de verzoeker;

–de toegang tot de Wsnp mogelijk maakt in de gevallen dat de gemeente er niet in slaagt om binnen een bepaalde termijn (van bijvoorbeeld zes maanden) een minnelijke schuldregeling tot stand te brengen.

•schuldenbewindvoerders

–hem – zodra hij en zijn financiële situatie gestabiliseerd en saneringsklaar zijn – doorgeleiden naar het minnelijk of wettelijk traject;

hierover samenwerkingsafspraken maken met de gemeentelijke schuldhulpverlening;

–binnen hun beroepsvereniging voor doorgeleiding een streefnorm (van bijvoorbeeld twaalf maanden) gaan hanteren.

Download het rapport:

Vorig bericht
IVO Rechtspraak: ‘Positieve evaluatie pilot digitaal communiceren in Wsnp-zaken’
Volgend bericht
De BBW in gesprek met de G4 (vervolg)

Gerelateerde berichten

Niets gevonden.

Menu