Column Geert Lankhorst: “Verdiencapaciteit gereduceerd; schuldsaneringsverzoek afgewezen wegens benadeling schuldeisers”

Wie de schuldsanering in wil, doet er goed aan om openheid van zaken te geven. De wet eist in artikel 285 Fw dat het verzoekschrift zo compleet mogelijk is: het dient immers ter voorlichting van de rechter die op het verzoek beslissen moet. En als voorwerk en informatie voor de bewindvoerder. Onvolledige of onjuiste informatie kan leiden tot een af wijzing van het verzoek, omdat het nu eenmaal aan de verzoeker is om de goede trouw aannemelijk te maken. Die maatstaf van goede trouw ziet op gebleken feiten en omstandigheden uit het recente verleden, en op toekomstverwachtingen. Onjuiste of onvolledige informatie bij het verzoek kan in een later stadium ook leiden tot een tussentijdse beëindiging of een ontneming van de schone lei.

Een waslijst aan informatie
De wet verlangt een zo compleet mogelijk verzoekschrift. Daarom moet men vermelden niet alleen waarom een minnelijke regeling niet tot de mogelijkheden behoorde (art. 285 lid 1 sub f) maar onder andere ook de vaste lasten (sub d) en de partnergegevens (sub e) en een gespecificeerde opgave van inkomsten (art. 285 lid 1 sub c). De onderdelen sub a tot en met i geven een hele waslijst aan informatie, maar uitputtend is deze opsomming nog niet eens. Want er is een bezembepaling (die soms wordt vergeten), namelijk dat de verzoeker ook opgave moet doen van andere gegevens die van belang zijn om een zo getrouw mogelijk beeld te bieden van de vermogens- en inkomenspositie (sub i).

Een Haagse casus
Een recent voorbeeld: A heeft op 18 maart 2020 een verzoekschrift bij de rechtbank Den Haag ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. A laat meerdere schulden onbetaald en stelt dat hij een problematische schuldenlast heeft zodanig dat hij niet kan voortgaan met het betalen van zijn schulden. Het verzoekschrift is – met een behoorlijke vertraging door het uitbreken van de virus-pandemie – op 16 juli 2020 behandeld. De rechtbank staat dan voor de klassieke vraag of A te goeder trouw is. De goede trouw van artikel 288 lid 1 sub b Fw is een gedragsmaatstaf waaraan A dient te voldoen.

Gedragsmaatstaf van verleden en toekomst
Bij de beoordeling van die maatstaf kan de rechter – aldus de Haagse rechtbank – rekening houden met alle omstandigheden, zoals de aard en de omvang van de vorderingen, het tijdstip waarop de schulden zijn ontstaan, de mate waarin A een verwijt gemaakt kan worden dat de schulden zijn ontstaan en/of onbetaald gelaten, het gedrag van A wat betreft zijn/haar inspanningen de schulden te voldoen of zijn/haar acties om verhaal door de schuldeisers te frustreren en dergelijke. De goede trouw maatstaf ziet niet uitsluitend op het (recente) verleden, maar behelst ook een verwachting die op de (nabije) toekomst betrekking heeft. Want bovendien vereist art. 288 lid 1 sub c Fw dat voldoende aannemelijk dient te zijn dat A de uit de schuldsanering voortvloeiende verplichtingen naar behoren zal nakomen en zich zal inspannen zoveel mogelijk baten voor de boedel en dus voor de schuldeisers te verwerven. Wat is dat dan – aannemelijk maken ? Geen keihard bewijs natuurlijk, maar wel is het aan de verzoeker om eventuele twijfels bij de goede trouw weg te nemen, door concreet aan te tonen dat hij zich de belangen van de schuldeisers in het recente verleden heeft aangetrokken (bijvoorbeeld door aflossingen en inkomensvergroting) en dat hij echt van plan is om de schone lei te gaan verdienen.

Benadeling van de schuldeisers
Benadeling van schuldeisers was hier gebleken, en de rechtbank vond ook dat tegen die achtergrond benadeling in de toekomst te verwachten was. De rechtbank is van oordeel dat onvoldoende aannemelijk is geworden dat A ten aanzien van het onbetaald laten van zijn schulden in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoekschrift te goeder trouw is geweest. A heeft in 2017 een dure leaseauto voor privé gebruik aangewend, terwijl bij het verzoekschrift niet is aangetoond dat dit noodzakelijk was. Hij heeft daarmee zijn schuldeisers benadeeld omdat door de hoge bijtelling minder netto salaris overbleef om zijn toen reeds bestaande schulden af te betalen. De rechtbank is daarnaast van oordeel dat onvoldoende aannemelijk is geworden dat A zich in het kader van een schuldsanering zal inspannen zoveel mogelijk baten voor de boedel te verwerven. Daartoe overweegt de rechtbank dat A een full time dienst verband is aangegaan met de onderneming van zijn partner en daarin slechts een inkomen heeft van € 1675,00 netto per maand. De hoogte van dit inkomen valt niet te rijmen met zijn ervaring en opleiding. Want A heeft ruime ervaring als advocaat welke opleiding en ervaring zouden kunnen leiden tot een dienstverband als advocaat/jurist of als juridisch adviseur, met daaraan verbonden een aanmerkelijk hoger salaris dan nu het geval is.

Kritische benadering van verdiencapaciteit
De rechtbank zegt het niet met zoveel woorden, maar duidelijk is dat er een gezond wantrouwen gerezen is dat A en zijn partner voor een constructie hebben gekozen waarin het inkomen van A – dat via de boedel voor zijn schuldeisers beschikbaar zou komen – zo laag mogelijk wordt gehouden. Dat heeft niet iedereen zelf in de hand natuurlijk: in een uitkeringssituatie en ook in een normale loondienst liggen die inkomensgegevens objectief vast. A heeft niet aannemelijk weten te maken dat er gezondheidsklachten zijn die nopen tot het aangaan van de huidige functie. A heeft evenmin aannemelijk weten te maken dat hij zich ten behoeve van zijn crediteuren zal inspannen om door middel van sollicitaties een beter betaalde functie te verkrijgen en dus een hoger inkomen te verwerven dan nu het geval is. Er blijven dus vraagtekens bestaan over de mate van inspanningsbereidheid. Daarmee voldoet A niet aan de toelatingsmaatstaf van art. 288 lid 1 sub b en sub c Fw. Het kan niet verbazen: de rechtbank wijst het verzoek schuldsanering op grond van de goede trouw af.

Bron: Rechtbank Den Haag 31 juli 2020, ECLI:NL:RBDHA:2020:7771

Vorig bericht
Kerncijfers over 2020 uit Toezicht Wsnp
Volgend bericht
Eerste webinar i.s.m. OSR Opleidingen

Gerelateerde berichten

Niets gevonden.

Menu